Geld is er niet meer bij de bond, dus trainen schermbroers Tulen elkaar

Op een gehuurde baan in een sporthal in Den Bosch hijsen de broers Tristan en Rafael Tulen zich meerdere malen per week beurtelings in een veel te dik pak. Urenlang vangt de ene broer de slagen van de andere op. De twee zijn elkaars schermtrainers, omdat er bij de bond geen geld meer is voor fulltime coaches. Degene in dat veel te dikke pak kan zelf weinig uitrichten: die fungeert als een soort bewegend doelwit, waarop aanvallende acties kunnen worden geoefend. Het betekent dat beide broers Tulen de helft van hun trainingsuren kwijt zijn aan iets waar ze zelf niks aan hebben. Gezellig is het wel om elkaar te coachen, maar echt handig is het dus niet altijd. De gebroeders Tulen waren deze week met twee ploeggenoten voor Nederland actief op de EK schermen in Antalya. Dat deden ze vanuit een underdogpositie, want geld voor schermen is er in Nederland maar weinig: het is "passen en meten". Zilveren fysio In Nederland ontbreken de financiële middelen om op het allerhoogste internationale niveau mee te doen. En toch lukt dat soms. Zondag won Tristan Tulen (30), naast schermer ook fysiotherapeut, een zilveren medaille op het individuele onderdeel degen. Tristan Tulen geldt als de beste Nederlandse schermer van het moment, nadat oud-olympiër Bas Verwijlen onlangs een punt achter zijn carrière heeft gezet. De zilveren medaille is het grootste Nederlandse succes in meer dan tien jaar. Hieronder zie je beelden van Tristan Tulen in de EK-finale tegen de Fransman Yannick Borel, die een maatje te groot was. En dat alles dus met zijn jongere broertje als coach: tussen de grijze, ervaren trainers van toplanden als Frankrijk en Italië, zit voor 'Team Tulen' een 24-jarige jongen in het coachvak. De samenwerking van de broers werd uit nood geboren, maar is door het tweetal met volle overtuiging aangegaan. "We gingen langs bij andere landenteams om onderzoek te doen naar technische en tactische trainingsmethoden", vertelt Tristan Tulen. "Omdat ik fysiotherapeut ben en mijn broer diëtist zijn we van onszelf al goed onderlegd in het fysieke gedeelte." Dat zijn broertje jong en onervaren is, vormt geen belemmering. "We zijn als mens en als schermer heel verschillend, maar daarom vullen we elkaar juist goed aan. Rafael is een verdedigende schermer en ik een aanvallende. En buiten de baan ben ik gestructureerd en goed in het regelen van dingen, terwijl hij juist weer de creatieve geest is." Steeds minder budget De wat oudere Tristan Tulen kwam in aanraking met het schermen toen er nog het een en ander mogelijk was. "Tien jaar geleden hadden we nog een trainingscentrum op Papendal, waar ik in mijn jeugd ook nog heb getraind. Dat is stopgezet. Dat soort ontwikkelingen betekenen dat wij het nu anders moeten doen." En dus regelen de broers het allemaal zelf. Van de banen waar ze op trainen tot de reiskosten voor toernooien en sponsorcontracten. In andere landen is dat totaal anders: daar zijn er soms volop mogelijkheden. "Tien landen zijn helemaal prof, de rest semiprof zoals wij", legt Tristan Tulen uit. "Waar de grote landen hun eigen complex hebben, moeten wij een deal sluiten met een sporthal, om daar twee uur per dag te trainen als er banen vrij zijn. Het is passen en meten. Die beperkingen hebben bijvoorbeeld ook gevolgen voor het samenstellen van je trainingsprogramma." Op het EK namen de Nederlandse deelnemers het op tegen landen die trainen in hun eigen complexen, met meer materiaal en met een uitgebreide staf. Vooral aan dat laatste hebben schermers als de gebroeders Tulen behoefte. "We zoeken specialisten, bijvoorbeeld voor de technische trainingen. Maar daarvoor moeten we ook langdurige sponsorcontracten zien binnen te halen, in plaats van voor één seizoen of één toernooi. Je speelt voor de wereldranglijst namelijk acht internationale toernooien die je grotendeels zelf betaalt. Anders kun je niet meedraaien in de top." Parijs 2024 En dat zal wel moeten, wil Tristan Tulen zijn grote doel behalen: kwalificatie voor de Olympische Spelen van 2024 in Parijs. De beste zestien schermers van de wereld plaatsen zich rechtstreeks. Tristan Tulen staat nu 25ste op de wereldranglijst. Hij had eigenlijk al hoger willen staan, maar zijn prestaties vielen vóór het EK een tikkeltje tegen. "Dat heeft te maken met de coronacrisis. Je ziet dat het gat met toplanden is gegroeid, omdat zij ook in crisistijd de middelen hadden door te trainen en fysiek op peil te blijven. Dat gat ben ik nu pas dicht aan het lopen en dan zie je dat er succes in kan zitten."

Geld is er niet meer bij de bond, dus trainen schermbroers Tulen elkaar
Op een gehuurde baan in een sporthal in Den Bosch hijsen de broers Tristan en Rafael Tulen zich meerdere malen per week beurtelings in een veel te dik pak. Urenlang vangt de ene broer de slagen van de andere op. De twee zijn elkaars schermtrainers, omdat er bij de bond geen geld meer is voor fulltime coaches. Degene in dat veel te dikke pak kan zelf weinig uitrichten: die fungeert als een soort bewegend doelwit, waarop aanvallende acties kunnen worden geoefend. Het betekent dat beide broers Tulen de helft van hun trainingsuren kwijt zijn aan iets waar ze zelf niks aan hebben. Gezellig is het wel om elkaar te coachen, maar echt handig is het dus niet altijd. De gebroeders Tulen waren deze week met twee ploeggenoten voor Nederland actief op de EK schermen in Antalya. Dat deden ze vanuit een underdogpositie, want geld voor schermen is er in Nederland maar weinig: het is "passen en meten". Zilveren fysio In Nederland ontbreken de financiële middelen om op het allerhoogste internationale niveau mee te doen. En toch lukt dat soms. Zondag won Tristan Tulen (30), naast schermer ook fysiotherapeut, een zilveren medaille op het individuele onderdeel degen. Tristan Tulen geldt als de beste Nederlandse schermer van het moment, nadat oud-olympiër Bas Verwijlen onlangs een punt achter zijn carrière heeft gezet. De zilveren medaille is het grootste Nederlandse succes in meer dan tien jaar. Hieronder zie je beelden van Tristan Tulen in de EK-finale tegen de Fransman Yannick Borel, die een maatje te groot was. En dat alles dus met zijn jongere broertje als coach: tussen de grijze, ervaren trainers van toplanden als Frankrijk en Italië, zit voor 'Team Tulen' een 24-jarige jongen in het coachvak. De samenwerking van de broers werd uit nood geboren, maar is door het tweetal met volle overtuiging aangegaan. "We gingen langs bij andere landenteams om onderzoek te doen naar technische en tactische trainingsmethoden", vertelt Tristan Tulen. "Omdat ik fysiotherapeut ben en mijn broer diëtist zijn we van onszelf al goed onderlegd in het fysieke gedeelte." Dat zijn broertje jong en onervaren is, vormt geen belemmering. "We zijn als mens en als schermer heel verschillend, maar daarom vullen we elkaar juist goed aan. Rafael is een verdedigende schermer en ik een aanvallende. En buiten de baan ben ik gestructureerd en goed in het regelen van dingen, terwijl hij juist weer de creatieve geest is." Steeds minder budget De wat oudere Tristan Tulen kwam in aanraking met het schermen toen er nog het een en ander mogelijk was. "Tien jaar geleden hadden we nog een trainingscentrum op Papendal, waar ik in mijn jeugd ook nog heb getraind. Dat is stopgezet. Dat soort ontwikkelingen betekenen dat wij het nu anders moeten doen." En dus regelen de broers het allemaal zelf. Van de banen waar ze op trainen tot de reiskosten voor toernooien en sponsorcontracten. In andere landen is dat totaal anders: daar zijn er soms volop mogelijkheden. "Tien landen zijn helemaal prof, de rest semiprof zoals wij", legt Tristan Tulen uit. "Waar de grote landen hun eigen complex hebben, moeten wij een deal sluiten met een sporthal, om daar twee uur per dag te trainen als er banen vrij zijn. Het is passen en meten. Die beperkingen hebben bijvoorbeeld ook gevolgen voor het samenstellen van je trainingsprogramma." Op het EK namen de Nederlandse deelnemers het op tegen landen die trainen in hun eigen complexen, met meer materiaal en met een uitgebreide staf. Vooral aan dat laatste hebben schermers als de gebroeders Tulen behoefte. "We zoeken specialisten, bijvoorbeeld voor de technische trainingen. Maar daarvoor moeten we ook langdurige sponsorcontracten zien binnen te halen, in plaats van voor één seizoen of één toernooi. Je speelt voor de wereldranglijst namelijk acht internationale toernooien die je grotendeels zelf betaalt. Anders kun je niet meedraaien in de top." Parijs 2024 En dat zal wel moeten, wil Tristan Tulen zijn grote doel behalen: kwalificatie voor de Olympische Spelen van 2024 in Parijs. De beste zestien schermers van de wereld plaatsen zich rechtstreeks. Tristan Tulen staat nu 25ste op de wereldranglijst. Hij had eigenlijk al hoger willen staan, maar zijn prestaties vielen vóór het EK een tikkeltje tegen. "Dat heeft te maken met de coronacrisis. Je ziet dat het gat met toplanden is gegroeid, omdat zij ook in crisistijd de middelen hadden door te trainen en fysiek op peil te blijven. Dat gat ben ik nu pas dicht aan het lopen en dan zie je dat er succes in kan zitten."